Biogarde, eierkoeken, kroketten, karbonade, kaasstengels, lekkerbekjes, kippenbouten, het komt allemaal uit de dierindustrie. In de dierindustrie worden dieren gebruikt voor voedsel van mensen. Het Westerse dieet kenmerkt zich door de grote hoeveelheden vlees, zuivel en eieren. De productie van dierlijk voedsel gaat gepaard met dierenleed.
Dacht je dat echt bont niet meer verkocht werd? Niets is minder waar. Respect voor Dieren vond in dure en goedkope winkels bontkragen. Veel jassen hebben kragen van gevilde vossen of zijn gevoerd met konijnenvacht. Ook in schoenen zijn soms dode konijnen verwerkt. Voor bont worden dieren mishandeld en vermoord. Door geen bont te kopen, kunnen we een einde maken aan dit dierenleed!
Onder vivisectie verstaan we: dierproeven. Akelige, wrede en pijnlijke tests op dieren met als doel: ons menselijk welzijn. Als je wel eens een aspirientje inneemt (of een andere pijnstiller), is het goed om te bedenken dat dit pilletje in een test eerst aan dieren gegeven is die daarvoor ziek gemaakt zijn.
Een leuk uitje naar het circus? Helaas niet voor de dieren. Dieren worden gebruikt om het publiek te vermaken. Het dagje valt dan ook in het niet bij het ellendige leven dat het dier doormaakt. Lange vervoerstijden, trainingen met geweld, onnatuurlijke omstandigheden en krappe kooien maken deel uit van deze lijdensweg.
Het eten van vlees, zuivel of eieren maakt je dus verantwoordelijk voor het dood maken van dieren. Er bestaat geen morele rechtvaardiging voor deze massale slacht op dieren. Als we vinden dat mensen niet dood gemaakt mogen worden, waarom dieren dan wel? We zullen een relevant verschil tussen mens en dier moeten vinden om de verschillende behandeling te rechtvaardigen.